De Barbet

 
Korte geschiedenis
De Barbet ( of Griffon d`arret a poil laineux) is een Frans waterhond die zijn naam dankt aan zijn baard (Barbe in het Frans)
Het is een zeer oud ras en zijn voorvaderen horen tot de vijftiende en zestiende eeuwse waterhonden, dat wil zeggen honden die als taak hadden bij en in het water te werken, waarbij het er vooral om ging vogels op te jagen en te apporteren.
Zijn dikke waterafstotende vacht geeft de Barbet de mogelijkheid om gedurende lange tijd in koud water te zijn.
De jachtinstinct is in de loop der jaren bij vele honden wel wat verloren gegaan maar als je het van pup af aan stimuleert kunnen ze wel voor dit doel ingezet worden. Tegenwoordig wordt hij vooral als huishond gehouden.

Historie (bron: Zwitserse rasvereniging van de Barbet)
De Barbet is een zeer oud ras. Kynologen zijn het niet geheel eens over zijn afkomst, maar vermoedelijk waren zijn voorouders Afrikaanse herdershonden en kwam hij met de Arabieren mee naar Zuid-oost Frankrijk.
Ten tijde van de Merowingers was Gallië bedekt met enorme wouden en de landbouw was nog maar weinig ontwikkeld. De belangrijkste vorm van bestaan was de jacht. De meest voorkomende hondenrassen waren lopende honden, doggen en windhonden. In die tijd bestonden er nog geen herders-, voorstaande of gezelschapshonden.  
Dat was gunstig voor de ontwikkeling van de Barbet: gemakkelijker te voeden dan de dog en minder druk en onstuimig dan de lopende hond, kon de Barbet voor de jacht ingezet worden. Dit tot groot genoegen van de boeren, voor wie het in die tijd verboden was om bepaalde jachthondenrassen te bezitten en/of te gebruiken, omdat dat slechts aan de hoogste standen was voorbehouden. De eigenschappen van de Barbet als apporteerhond en als beschermer van vee en erf, zorgden ervoor dat hij de ideale hond van de “kleine man” werd. 
 
Sinds de middeleeuwen was de Barbet in Europa bekend onder de naam “Waterhond”. Zijn rasnaam "Barbet" kreeg hij in de 16e eeuw. Er zijn diverse tekeningen van Barbets gevonden uit die tijd. Hij werd afgericht voor de jacht op eenden en zwanen. De Franse natuuronderzoeker Buffon (1707-1788) vermeldt in zijn “histoire naturelle”, dat de Barbet door de fokker Spallannzani in 1779 voor de eerste kunstmatige bevruchting gebruikt werd. Aan het einde van de 19e eeuw was hij alleen nog als jachthond bij stropers en boeren te zien en stierf het ras bijna uit. De Barbet is waarschijnlijk de voorouder van diverse langharige rassen met een min of meer wollige en gekrulde vacht (Poedel en Bichon) en is direct verwant aan herdershonden zoals de Briard.
De eerste direct afstammeling van de Barbet is zeker de Espaignol, een snelle Spaanse jachthond, die op zijn beurt de voorouder van de Spaniels is. Gelijktijdig geldt ook de Newfoundlander als afstammeling van de Barbet, omdat er in de 18e eeuw op vele Franse en Engelse schepen Barbets aan boord waren. Bovendien voeren Baskische vissers in die tijd vaak naar het eiland Newfoundland. In de Pyreneeën heeft de Barbet zeker bijgedragen aan het ontstaan van de Catalonische Herdershond (aan de Spaanse kant) en aan het ontstaan van de Pyrenese Herdershond (aan de Franse kant). In het Bekken van Parijs (de laagvlakte waarvan Parijs het middelpunt is) hielp hij bij de ontwikkeling van de Briard. Bovendien kan men aannemen, dat kruisingen tussen de Barbet en de Laufhund tot de Griffon leidden.
In de 18e eeuw werd de vachtkleur van honden een criterium voor hun populariteit. Unikleuren zoals zwart en wit hadden de publieke voorkeur. Zwarte en witte Barbets werden met Spaniels en andere staande honden gekruist tot de zogenaamde kleine Barbet en de Poedel. Later werden deze beide rassen uit elkaar gehouden: de poedel met krulvacht en weinig wol paste beter bij de toenmalige smaak en werd daardoor populairder. De Barbet werd zeldzamer en tegen het einde van de 19e eeuw, toen ook de waterjacht minder voorkwam, verdween hij bijna van de Franse kynologische raslijst. Tegenwoordig verheugt de Barbet zich weer in een stijgende populariteit, dankzij zijn prettige vrolijke karakter en door het zorgvuldige werk van verantwoordelijke fokkers.

Rasbeschrijving
Het is een stevige gebouwde hond.
Heeft een wollige gekulde vacht.
De vacht is waterafstotend.
De kleur is meestal zwart of bruin.
Teef 53-61 cm
Reu 58-65 cm

Omdat de vacht niet verhaard is de Barbet zeer vaak geschikt voor mensen met een hondenallergie. Voor meer informatie over hondenallergenen zie kopje Divers. De vacht heeft wel verzorging nodig; zie kopje vachtverzorging.

Karakter
Het is een levenslustige hond die van spelletjes en wandelingen houdt maar in huis erg rustig is.
Ze zijn totaal niet agressief of nerveus.
Is aanhankelijk en vriendelijk tegen mensen, oud en jong en andere dieren.
De Barbet heeft een liefdevolle maar consequente opvoeding nodig. Heeft anders de neiging om de leiding te nemen. Hij voelt de zwakheden van zijn baas aan. Is gevoelig voor stemgebruik.
Het is geen waakhond, blaft weinig.
Zoals iedere hond heeft ook een Barbet zijn beweging nodig. Dagelijks een lange wandeling waarbij de hond ook los kan lopen, wordt zeker gewaardeerd. Maar ook naast de fiets mee of behendigheid is geschikt. Het is belangrijk dat een Barbet ook geestelijk actief gehouden wordt. Tijdens het wandelen doe ik regelmatig een verstop spelletje zodat ze moeten speuren. Of laat ik ze zitten en loop zelf een 100 meter door, waarbij ze dan op mijn commando mogen komen, of boomstammen gebruiken voor een behendigheidsspelletje. Daarnaast zijn er tal van hersengym spelletjes die je met je hond kan doen.

De Barbet is voor vele doelen inzetbaar; als huishond, als jachthond, blindengeleidehond, therapiehond bij b.v. mensen met autisme, als hulphond of als bezoek hond bij ouderen. Onderzoek heeft uitgewezen dat ouderen en mensen met dementie rustiger worden als ze een hond zien en mogen aaien. (AAT aaien als therapie)
De Barbet behoort tot de hypoallergene honden en hierdoor zijn ze eerder welkom in zorginstellingen.